donderdag, september 15, 2005

Orde op zaken

Ondertussen zijn we een dag verder, en heb ik voor mijn gevoel ongelooflijk veel gedaan. Laat ik beginnen met het relativeren van mijn negatieve beschrijving van Columbus, gisteren. Alles wat ik daar schreef was waar, maar een busrit naar het centrum maakte duidelijk dat deze stad ook een leuk stuk heeft, al is het zo groot als een postzegel. De bebouwing is er mooi, het heeft er alle schijn van dat je er normaal kunt eten, en de Amerikaanse stadsplanners hebben om de een of andere reden vergeten de drie theaters te slopen: deze zijn allemaal begin 20e-eeuws en schitterend. Een beetje in de stijl van Tuschinski. Het Ohio Theatre doet een hoop toneelstukken en huisvest het Columbus Symphony Orchestra, waar Rene Fleming gastdirigent is. Ze hebben studentenkaartjes voor 9 dollar. Ik heb elk foldertje dat de karige tourist-info had meegeplunderd, en geloof dat ik toch wel lol ga hebben in het centrum van Ohio.

Verder moet er georganiseerd, en dat is eigenlijk heel erg leuk. Het is net als voor het eerst op kamers gaan wonen: ik heb gisteren borden, glazen en kopjes gekocht, heb een zwakke poging gedaan Internet op mijn kamer aan de praat te krijgen (het werkt nog niet), heb een pre-paid mobiele telefoon genomen, heb een goede supermarkt gevonden (en wat Arabische en Chinese winkeltjes) en zo nog een heel aantal dingen. Mijn kamer begint zowaar een schijn van gezelligheid te krijgen, en de wekkerradio die ik heb gekocht ontvangt nog best wat leuke zenders. Morgen ga ik naar een Pawn Shop (tweedehands-zooiwinkel) om een soort gettoblaster te kopen. Misschien krijg ik internet morgen ook wel aan de praat.

Vandaag stond de dag eigenlijk geheel in het teken van de introductie. Ook dit was een zeer Amerikaans geheel. Een volgepakte zaal met internationale studenten werd van 8 uur ’s ochtends (fascisten) tot kwart over vijf ’s middags beziggehouden door verschillende sprekers, van mensen van het sportcentrum tot politie-agenten. Grappig om te zien is hoe Amerikanen het nodig vinden om het publiek op te warmen. De eerste spreker begon als volgt:

Spreker: “Good morning!”
(stilte)
“I said good morning”
(Drie mensen roepen timide good morning)
“I said: good morning!”
(Een aantal mensen brult good morning terug)
“What’s that?”
(Meer mensen beginnen good morning te brullen)

Andere sprekers deden steeds iets soortgelijks. Het toppunt was wel de vrouw van het sportcentrum, die de hele zaal liet opstaan om een soort Buckeyes-yel te doen (de Buckeyes zijn het OSU-footballteam) Riep zij: “O-H”, dan werd de zaal geacht “I-O” terug te roepen. Het had iets aanmatigends. Maar het ergste is dat het nog werkte ook.


Net na de lunch had ik een excuus om een onderdeel over ‘academic misconduct’ te ontvluchten. Dat spieken niet mag wist ik al, en ik had een afspraak met de man waarvoor ik hier ben: Geoffrey Parker. Enigszins zenuwachtig toog ik richting zijn kantoor. De man bleek nog vooroordeelbevestigender dan ik dacht: hij is een archetypische mega-geleerde professor zoals je ze in films zou aantreffen. Hij heeft een baard, loopt met een stok, spreekt upperclass Engels waar je niet goed van word, en is zeer aristocratisch in de omgang. Op zijn kamer liggen er gehaakte kleedjes over alle kasten en tafels. Zijn muur hangt vol (werkelijk vol) met eredoctoraten, titels en oorkondes. Gepromoveerd aan Cambridge, eredoctoraat in Leuven, Aberdeen... een stuk of twintig papieren en gouden plaquetten. Hij was erg aardig, en wist tussen drie dubbele afspraken door even een studieprogramma met me in elkaar te sleutelen. Ik zal jullie er niet mee lastigvallen, maar het wordt erg leuk, allemaal. En hard werken.

De introductie heeft het ijs hier min of meer gebroken, goddank. De flat waar ik woon is vrijwel gevuld met internationale studenten, maar tot vandaag stond iedereen naast elkaar in de lift zonder een woord te wisselen, en negeerde iedereen de rest zo hard mogelijk. (Vooral de Chinezen) Nu is dat anders. Er is spontaan een soort gezellige sfeer ontstaan, er wordt gepraat, er worden telefoonnummers uitgewisseld, etcetera. (Zelfs de Chinezen doen mee) Het is leuk om met een heleboel niet-Amerikanen te kunnen praten. Het heeft er alle schijn van dat het grote introductiefeest van morgen heel erg leuk gaat worden.

7 Comments:

Anonymous said...

O Tristan, you lucky bastard! Geoffry Parker, ik wist niet eens dat hij nog leefde, wow!
Miriam

22:43  
Tristan said...

Hij leeft nog. Hoe ken jij hem? Van The Dutch Revolt, The Spanish Road? Hij loopt op 2 stokken, maar hij leeft. Hij is de reden dat ik hier ben. Hij is gaaf. Ik ben blij. (Ik schrijf deze post in aangeschoten toestand, wat de inhoud wellicht minder bemiddeld, maar zeker niet minder waar maakt)

04:32  
Frits said...

Klik hier voor meer info over Geoffrey Parker. Tristan, die link had je toch ook in je bericht kunnen meenemen? Althans, dit is 'm toch wel?
Vader

10:06  
Tristan said...

Yep, that's him. Alleen is de vraag hoe spannend het voor de meeste lezers is hoeveel dissertaties de beste man begeleidt. De foto is echter wel sprekend.

20:43  
Anonymous said...

Ik ken hem van the Dutch Revolt, en dat gaf een geweldige 'historische ervaring', om te ervareren dat iemand buiten Nederland een ander perspectief heeft voor onze Gouden Eeuw (die op dat moment voor mij nog een koekblikjes kwaliteit had). Ik wens je alle mogelijke openheid om deze ervaringen tot je door te laten dringen. Kusje, Miriam

21:18  
Frits said...

Ehhh... hee! Waar is die leuke foto van kleine Tristan met Ohio State University-trui opeens gebleven? :(
Vader

21:55  
Tristan said...

Ja, Miriam, daar heb je wel een punt. Die hele Gouden Eeuw ruikt altijd naar spruitjes en oude school-wandkaarten (met de glorieuze verdediging van Haarlem erop ofzo) tot een totale buitenstaander (en het maakt niet uit of dat Schiller, Israel, Parker of wie dan ook is) zich ermee bemoeit en duidelijk maakt dat het toch eigenlijk gewoon best wel tof was allemaal. Ik ga me hier dan ook prima vermaken. Het mag hier naar hamburgers ruiken, maar zeker niet naar spruitjes.

Frits, die afbeelding komt wel terug, maar ik heb er een plannetje mee. Geduld.

23:40  

Post a Comment

<< Home